Ik accepteer het gebruik van cookies op deze site.

Om deze website beter te laten functioneren maken wij gebruik van cookies. Wilt u meer weten over de wijze waarop wij cookies inzetten, kijk dan a.u.b. naar onze Cookie beleid.. Kiest u ervoor om door te gaan zonder je cookie instelling aan te passen, dan stemt u in met het gebruik van cookies. Indien gewenst kunt u in onze Cookie beleid instructies vinden om, door middel van een verandering in je instellingen, cookies te verwijderen.

Begrippen
Het terrein is het totale gebied dat wordt getoond op de plattegrond, het terrein omvat:
Het speelveld is het gebied (zoals getoond op de plattegrond) tussen de doellijnen en de zijlijnen. Deze lijnen zijn geen onderdeel van het speelveld.
Het speelgebied is het speelveld en de beide doelgebieden (zoals getoond op de plattegrond). De doellijnen, de doelzijlijnen en de zijlijnen zijn geen onderdeel van het speelveld.
De speelruimte is het speelgebied en de ruimte eromheen, die niet minder dan 5 meter is indien uitvoerbaar, die bekend staat als het randgebied.
Het doelgebied is het gebied tussen de doellijn en de doelachterlijn, en tussen de doelzijlijnen. Het omvat de doellijn maar het omvat niet de doelachterlijn of doelzijlijn.
Het 22-meter gebied is het gebied tussen de doellijn en de 22-meter lijn, het omvat de 22-meter lijn maar het omvat niet de doellijn.
De plattegrond inclusief alle woorden en afbeeldingen erop, zijn onderdeel van de spelregels.
1.1 1.1 Oppervlak van de speelruimte
(a)
Vereiste. Het oppervlak moet ten alle tijde veilig zijn om op te spelen.
(b)
Het soort oppervlak. Het oppervlak mag gras, maar mag mogelijk ook zand, klei, sneeuw of kunstgras zijn. Het spel mag gespeeld worden op sneeuw, mits de sneeuw en het onderliggende oppervlak veilig bespeelbaar zijn. Het mag geen permanent harde ondergrond zijn zoals beton of asfalt. In het geval van kunstgras, moet het voldoen conform reglement 22 van World Rugby.
1.2 Vereiste afmetingen voor de speelruimte
(a)
Afmetingen. Het speelveld mag niet langer dan 100 meter zijn. Elk doelgebied is niet langer dan 22 meter. Het speelgebied is niet meer dan 70 meter breed.

(b)

De lengte en breedte van het speelgebied moeten zo dicht mogelijk bij de aangegeven afmetingen zijn. Al deze gebieden zijn rechthoekig.

(c)

Indien uitvoerbaar: de afstand van de doellijn tot de doelachterlijn mag niet korter zijn dan 10 meter.

(d)

Met betrekking tot:

(i) Wedstrijden tussen het eerste nationaal, vertegenwoordigende team of het daarop volgende nationaal vertegenwoordigende team van een bond tegen het eerste nationaal, vertegenwoordigende team of het daarop volgende nationaal vertegenwoordigende team van een andere bond; en

(ii) Internationale sevens wedstrijden;

de afmetingen moeten de maximale afmetingen zo dicht mogelijk benaderen, en moet het speelveld niet minder dan 94 meter lang, 68 meter breed en een doelgebied van minimal 6 meter zijn. Bonden die van de minimum of maximum dimensies af willen wijken kunnen dispensatie bij World Rugby aanvragen.

(e)

Het randgebied moet waar praktisch minimaal 5 meter zijn.

1.3 Lijnen op de speelruimte

(a)

Ononderbroken lijnen

De doelachterlijnen en de doelzijlijnen, die zich beiden buiten het doelgebied bevinden;

De doellijnen, die zich binnen het doelgebied bevinden maar buiten het speelveld;

De 22-meter lijnen; die parallel aan de doellijnen liggen;

De middenlijn die parallel ligt aan de doellijnen;

De zijlijnen die zich niet binnen het speelveld bevinden.

(b)

Onderbroken lijnen

Alle andere lijnen behalve de ononderbroken lijnen zijn onderbroken lijnen met strepen van 5 meter lengte.

Er zijn twee groepen onderbroken lijnen, en beiden zijn 10 meter van en parallel tot de middenlijn. Deze worden de 10 meter onderbroken lijnen genoemd. De 10 meter onderbroken lijnen doorkruizen de onderbroken lijnen op 5 en 15 meter van en parallel tot de zijlijn.

Er zijn twee groepen onderbroken lijnen, en beiden zijn 5 meter van en parallel tot de zijlijn. Zij lopen tussen de 5 meter onderbroken lijn die parallel aan de doellijn zijn, en doorsnijden beiden 22 meter lijnen, beide 10 meter onderbroken lijnen en de middenlijn. Zij worden de 5 meter onderbroken lijnen genoemd.

Er zijn twee groepen onderbroken lijnen, en die zijn 15 meter van en parallel tot elke zijlijn. Zij lopen tussen de 5 meter onderbroken lijnen die parallel aan de doellijn zijn, en doorsnijden beiden 22 meter lijnen, beide 10 meter onderbroken lijnen en de middenlijn. Zij worden de 15 meter onderbroken lijnen genoemd.

Er zijn zes onderbroken lijnen die op 5 meter van en parallel tot de doelijnen lopen. Twee onderbroken lijnen zijn met hun hartlijn op 5 en 15 meter van de beide zijlijnen gepositioneerd. Nog eens twee onderbroken lijnen zijn voor de beide doelen zodanig dat er een tussenruimte van 5 meter tussen de twee onderbroken lijnen is.

(c)

Midden

Er is een lijn, 0,5 meter lang, die de middenlijn doorsnijdt.

1.4 Afmetingen voor doelpalen en lat

Doelpalen

(a)

De afstand tussen twee doelpalen is 5.6 meter.

(b)

De lat is zo geplaatst tussen de twee doelpalen dat het toppunt 3.0 meter vanaf de grond is.

(c)

De minimum hoogte van de doelpalen is 3.4 meter.

(d)

Indien er paalbescherming aan de doelpalen vastzit, is de afstand vanaf de doellijn tot buitenste punt van de paalbescherming niet meer dan 300mm.

1.5 Vlaggenstokken

(a)

Er zijn 14 vlagstokken met vlaggen, elk met een minimum hoogte van 1.2 meter boven de grond.

(b)

Vlagstokken moeten worden geplaatst op het snijpunt van doelzijlijnen en de doellijnen en op het snijpunt van doelzijlijnen en doelachterlijnen. Deze acht vlagstokken zijn buiten het doelgebied en maken geen deel uit van het speelveld.

(c)

Vlagstokken moeten geplaatst zijn op lijn met de 22-meter lijnen en de middenlijn, 2 meter buiten de zijlijnen en binnen de speelruimte.

1.6 Protesten over het terrein

(a)

Als een of beide teams bezwaren hebben over het terrein of op de manier waarop het is gemarkeerd, moeten zij het de scheidsrechter vertellen voor de wedstrijd begint.

(b)

De scheidsrechter zal proberen de problemen op te lossen, maar mag niet starten met de wedstrijd als een deel van het terrein als gevaarlijk wordt beschouwd.